Verhalen Groninger kerken

De geschiedenis van de Groninger kerken bestaat niet alleen uit jaartallen, bouwstijlen en orgels. Elke kerk vertelt zijn eigen verhaal, over stenen duivels, hostiewonderen, onthoofde heilige of beenderen die in de kerkmuur werden gemetseld. Dit zijn niet alleen spannende verhalen, maar ze laten ook zien hoe rijk de historie is van het Groningerland. En ze plaatsen de kerk in de loop van de geschiedenis.

In het Noorden huisde de Duivel. Het verhaal achter de noormannenpoortjes

DSC01849_resizeDe kerk van Marsum is een van de best bewaarde voorbeelden van romaanse bouwkunst in Groningen. Aan de noordzijde bevindt zich een opvallend element: een laag, dichtgemetseld poortje van zo’n anderhalve meter hoog. Waar werd dit poortje voor gebruikt? En waarom is het ooit dichtgemetseld?

Buigen voor de Noormannen?
Er is al veel gespeculeerd over de herkomst en betekenis van deze poortjes, ook wel Noor-mannenpoortjes genoemd. In volksverhalen wordt verteld dat ze zijn aangebracht door Vikingen die deze streek bezetten. De kerkgangers zouden bij het uitgaan van de mis zo worden gedwongen te buigen naar het noorden.WikingerOpstandige kerkgangers zouden de kerk achterste-voren hebben verlaten, zodat ze met hun achterwerk naar het noorden wezen als belediging. Toen de overheersers zagen dat er misbruik van werd gemaakt, metselden ze het poortje weer dicht. Een ander verhaal is dat de poortjes zo laag werden gemaakt om de heidense Noormannen te laten buigen voor het altaar. Deze verklaringen lijken op onzin te berusten. Zo zijn de kerken pas eeuwen na de laatste Noormanneninvasie in de elfde eeuw gebouwd.

Het duivelse noorden
Waarschijnlijk is dat de noordelijke deur zijn oorsprong vindt in de manier waarop de mis werd gevierd. De meeste kerken hadden oorspronkelijk twee deuren, een gebruik dat mogelijk uit het Angelsaksische gebied is overgewaaid. Men kwam via de koude noordkant de kerk binnen. Bij het uitgaan kwam men dan na de mis bij de zonnige zuidzijde weer naar buiten, wat een gevoel van verlichting teweeg moet hebben gebracht. Een slim psychologisch trucje om de loutering van de mis extra kracht bij te geven.

DuivelDe noord- en zuidzijde speelde in het kerkelijke leven een grote rol. Ook was de noordzijde wel de kant van de duivel. Het noorden werd aangewezen als plaats waar de duivel zou huizen. Zo werden misdadigers aan de noordkant begraven. Bij de doop zou het kind door de noordzijde naar binnen zijn gebracht, om gezuiverd van zonden na de doop, aan de zuidzijde weer naar buiten te komen.

Vrouwendeur
Een andere verklaring is dat de kerk oorspronkelijk een mannen- en vrouweningang had. De vrouwen moesten door de ‘duivelse’ noordelijke kant naar binnen, wat zou verwijzen naar de erfzonde van Eva. Door de vrouw was de zonde immers de wereld in gekomen, zo geloofde men. Oorspronkelijk zaten mannen en vrouwen tijdens de dienst gescheiden, een gebruik dat in de katholieke kerken tot in de jaren zestig is gehandhaafd. In protestantse kerken raakte het echter in onbruik en werd vaak een van beide deuren, meestal de noordelijke, dichtgemetseld. Dat de deuren zo laag zijn, te laag om te gebruiken, komt waarschijnlijk gewoon doordat de grond van het kerkhof in de loop der jaren door begrafenissen werd opgehoogd. De kerk kreeg dan meestal een nieuwe, hogere deur aan de zuidzijde. (NS), geredigeerd: Josée Paauw

Zie verder
Marsum: Kerk Marsum
Kerkensite: kerkmarsum.nl/