FRANSUM: NEDERLANDSE HERVORMDE KERK
De oudste preekstoel van Nederland staat in Fransum
Eenzaam staat de kerk van Fransum nu op haar wierde in het
landschap. Het omringende dorp is in de loop der jaren verdwenen. De kerk werd
gesticht door de monniken van Aduard, maar na de Reformatie raakte de kerk snel
in problemen. Vanaf 1601 werd er samengewerkt met de kerk van Den Ham. In 1909
fuseerden beide kerken en werden de diensten naar Den Ham overgeplaatst. De
kerk werd niet meer onderhouden en was al snel overwoekerd door de natuur. De
kerkbanken gingen in deze jaren verloren. Er is nog overwogen om de eeuwenoude
kerk naar het openluchtmuseum in Arnhem te verplaatsen, maar dit is gelukkig
nooit gebeurd. Alleen het klankbord van de preekstoel zou zijn overgenomen.
Bij de laatste kerkdienst kwam slechts één kerkganger naar de kerk. De
predikant wilde aanvankelijk ook de laatste dienst maar aflassen, maar
hiertegen protesteerde de bezoeker: het aantal zou niet uit moeten maken. De
pastoor stemde hier mee in, maar wel op voorwaarde dat de kerkganger goed mee
zou zingen. Na verluidt werd het een dienst met veel liederen.
Een bijzondere
preekstoel
De preekstoel van waaraf de dienst werd gehouden is een hele
bijzondere. Het is namelijk een bakstenen stoel, gebouwd rond 1500. Van deze
middeleeuwse preekstoelen zijn er in Nederland maar acht bewaard gebleven,
hiervan staan er drie in Groningen. De preekstoel van Fransum is het enige bakstenen
exemplaar in Groningen en de oudste van de drie bakstenenpreekstoelen uit
Nederland en daarmee erg bijzonder.
Groningen kent nog twee bijzondere preekstoelen. De kerken
van Woltersum en Vriescheloo hebben beiden een houten preekstoel uit de 16de eeuw. Bij de stoel van Woltersum werd pas in 1964 ontdekt om wat voor
bijzondere stoel het ging. Bij een schilderbeurt bleek dat onder de verflaag
beschilderde houten panelen zaten met een voorstelling van de kruisiging van
Jezus.
De preek centraal
Aan het einde van de veertiende en de loop van de vijftiende
eeuw werd het in kerken steeds meer de gewoonte dat de preek werd opgedragen
door een speciaal daarvoor aangestelde geestelijke, de predikant. Deze grotere
waardering van de preek, die een steeds grotere plaats innam in de dienst,
maakte dat in veel kerken in deze periode een preekstoel kwam. Voorheen werd er
gepreekt van een lage lessenaar, een ambo, waarvan de oorsprong te vinden is in de vroegchristelijke kerk.
De
preekstoel is meestal aan de zuidkant van de kerk geplaatst
Voor de plaats van de preekstoel bestonden geen
voorschriften. Meestal stonden de preekstoelen aan de zuidzijde van de kerk,
enerzijds omdat aan die kant het zonlicht binnenviel, maar ook omdat het de epistelzijde
is. Het epistel is een deel van de liturgie dat op bepaalde hoogtijdagen
gelezen moet worden. Deze worden traditioneel aan de rechterzijde van de kerk
voorgelezen. Maar ook komt het voor dat de kansel aan de noordzijde werd
geplaatst. De preekstoel stond niet in het midden van het koor, zoals later in
protestantse kerken vaak het geval was, maar voor de koorafscheiding. In de
middeleeuwen was het koor meestal nog door een hek of wand van het schip
afgescheiden. De naam van de kansel, is ook ontleend aan de naam van de
koorafscheiding, de cancelli.
Na de reformatie kreeg de preekstoel een meer centrale
plaats in de kerk. Meestal bleef de plaats hetzelfde, enkele keer werd er voor
gekozen de preekstoel op het einde te plaatsen en de kerkbanken in de lengte.
Maar meestal bleef de situatie echter uit zuinigheid gehandhaafd. Zo heeft de
preekstoel van Fransum alle jaren weten te overleven. (NS)